De 20 aminozuren hebben dezelfde structuur, leg uit:
Alle 20 aminozuren hebben dezelfde structuur, met een aminogroep (de NH3+), een carboxylgroep (de C02-), en een waterstofatoom. De laatste plaats op de centrale C wordt ingenomen door een variabele groep (vaak aangeduid met de letter R). Bij het eenvoudigste aminozuur, glycine, is die R-groep gewoon een H-atoom.